Persberichten Plantum NL

Hieronder vindt u de persberichten van Plantum NL per jaargang vanaf 2001.

De nieuwste persberichten

oude persberichten uit 2010

oude persberichten uit 2009

oude persberichten uit 2008

oude persberichten uit 2007

oude persberichten uit 2006

oude persberichten uit 2005

oude persberichten uit 2004

oude persberichten uit 2003

oude persberichten uit 2002

9-12-2002
Plantenveredelaars teleurgesteld in opstelling politiek
15-1-2002
Nieuwe algemene voorwaarden Plantum NL
5-10-2002
Graszaadsector verheugd over toelating onkruidbestrijdingsmiddel
09-2002
Blootstelling en huidbescherming
25-9-2002
Promotiereis kwekersrecht in China
12-9-2002
Plantum Staat!
30-3-2002
Gerbera's for Life
26-2-2002
Het perspectief van Lisianthus


oude persberichten uit 2001




















Plantenveredelaars teleurgesteld in opstelling politiek
Gouda, 9 december 2002, Politiek laat kansen liggen door 'klassieke' veredeling toch uit te sluiten van WBSO

De eerder aangekondigde uitsluiting van 'bepaalde veredelingsactiviteiten' uit de WBSO is, ondanks de lobby die Plantum NL gevoerd heeft om dit te voorkomen, onlangs goedgekeurd door de Tweede Kamer. De WBSO (Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk) stimuleert bedrijven via fiscale maatregelen om zelf innovatief onderzoek uit te voeren. Deze wet wordt uitgevoerd door Senter, een agentschap van het Ministerie van Economische Zaken (EZ).

Inspanningen voor behoud WBSO tevergeefs
Het Ministerie van Economische Zaken had in haar begroting aangegeven te willen bezuinigen op de WBSO door 'bepaalde veredelingsactiviteiten' uit te sluiten van subsidiëring. Plantum NL heeft daarop in een brief de vaste kamercommissie voor Economische Zaken opgeroepen om deze bezuiniging niet goed te keuren. Tevens heeft de brancheorganisatie de kwestie aangekaart in persoonlijke contacten met parlementariërs, overheidsfunctionarissen en bij belangenorganisaties. De inspanningen van Plantum NL, alsook van organisaties zoals Productschap Tuinbouw en individuele veredelingsbedrijven, hebben desondanks niet mogen baten: de Tweede Kamer heeft uiteindelijk ingestemd met de voorgestelde bezuiniging.

'Klassieke' veredeling niet voldoende innovatief?
Tijdens het plenaire kamerdebat over de begroting van EZ heeft alleen D66 nog kritische vragen gesteld over de uitsluiting van veredelingsonderzoek van de WBSO. Op de vraag van D66 naar de reden van dit beleidsvoornemen antwoordde de minister dat de uitsluiting alleen 'klassieke' veredeling zou betreffen. Dit type veredelingswerk zou namelijk routinematig gebeuren en niet voldoende innovatief zijn. D66 heeft de minister vervolgens gewezen op het innovatieve karakter van de sector en het belang van onder andere resistentieveredeling. Bij gebrek aan steun van andere partijen is er echter geen motie ingediend. Het is niet duidelijk wat de minister met 'klassieke' veredeling bedoelt. Plantenveredeling is een moderne en zeer innovatieve bedrijfstak waarin 'klassieke' veredeling en moderne technieken onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Desondanks denkt de minister 6,24 miljoen euro te besparen door 'klassieke' veredeling uit te sluiten van de WBSO. Naar schatting maakten veredelingsbedrijven tot nu toe voor 10 miljoen euro aanspraak op de WBSO. Met de bezuiniging op de WBSO wordt de veredelingssector, en daarmee de hele agrarische productieketen, dus een forse slag toegebracht.

Politiek laat kansen liggen
Plantum NL is teleurgesteld over het gebrek aan politieke steun voor deze vooruitstrevende sector.De politiek laat zo kansen liggen om de veredeling van gewassen voor duurzame teelten een extra impuls te geven.

Veredelingsbedrijven geschokt door verdwijnen subsidie
Gouda, 23 oktober 2002

Veredelingsonderzoek dreigt uitgesloten te worden van de WBSO-regeling van Senter Veredelingsonderzoek bij met name kleine en middelgrote bedrijven komt in Nederland steeds meer onder druk te staan. Dat is althans het geval als Senter het voorstel om veredelingsonderzoek uit te sluiten van de WBSO-regeling in praktijk gaat toepassen.

De WBSO (Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk) stimuleert bedrijven via fiscale maatregelen om zelf innovatief onderzoek uit te voeren. Deze wet wordt uitgevoerd door Senter, een agentschap van het ministerie van Economische Zaken. Het ministerie van Economische Zaken heeft in haar begroting aangegeven te willen bezuinigen op de WBSO. Deze begroting is overigens nog niet vastgesteld door het parlement. Het ministerie heeft vorige week aan de vaste kamercommissie van Economische Zaken laten weten de bezuinigingen onder andere te willen realiseren door veredelingsactiviteiten uit te sluiten van subsidiëring.

Innovatief onderzoek in de knel door bezuinigingen
Nederlandse veredelingsbedrijven hechten bijzonder veel belang aan de WBSO om innovatiegericht onderzoek te kunnen uitvoeren. De WBSO is namelijk één van de weinige subsidieregelingen van Senter die agrarische bedrijven niet expliciet uitsluiten. Het bedrijfsgebonden veredelingsonderzoek dreigt nu tussen wal en schip terecht te komen. Vanwege het hoogtechnologische gehalte van de bedrijfstak en vanwege de nadruk op technologieontwikkeling komt veel veredelingsonderzoek namelijk evenmin in aanmerking voor subsidiëring vanuit het ministerie van LNV.

In 2001 waren alle circa 125 veredelingsbedrijven in Nederland op de hoogte van de WBSO. Gemiddeld werd bijna 70% van hun subsidieaanvragen door WBSO gehonoreerd, met een totale waarde van circa 10 miljoen euro per jaar. Het belang van de WBSO voor veredelingsbedrijven is dus groot. Niettemin maken veredelingsbedrijven slechts een geringe aanspraak op het totale WBSO-budget (367 miljoen euro in 2003).

Behoud van stimulans duurzame teeltmethoden
Plantum NL, de brancheorganisatie voor de sector plantaardig uitgangsmateriaal, en KAVB, de brancheorganisatie voor de bloembollensector, zijn bezorgd over de plannen van de inmiddels demissionaire regering. Veredeling is namelijk een zeer belangrijk instrument voor de ontwikkeling van duurzame teeltmethoden. Plantum NL en KAVB doen een dringend beroep op de overheid om terug te komen op het besluit om veredelingsonderzoek uit te sluiten van de WBSO.

Nieuwe algemene voorwaarden Plantum NL
Gouda, 15 november 2002

Recentelijk heeft Plantum NL nieuwe algemene voorwaarden opgesteld voor de verkoop en levering van planten en teeltmateriaal voor sierteeltproducten en plantmateriaal voor voedingstuinbouwproducten, alsmede tuinbouwmaterialen. De nieuwe voorwaarden vervangen de algemene voorwaarden van de NVP en VGB Uitgangsmateriaal. Leden van de genoemde verenigingen zijn thans lid van Plantum NL. De krachtenbundeling komt nu ook tot uiting in een breed toepasbare set van vernieuwde voorwaarden.

Breed toepasbaar
De algemene voorwaarden bevatten algemene verkoop- en leveringscondities. Leden van Plantum NL die actief zijn in sierteeltvermeerdering of voedingstuinbouw opkweek kunnen deze hanteren bij levering van plantmateriaal aan hun afnemers. Vanzelfsprekend behouden de bedrijven de mogelijkheid om geheel of gedeeltelijk afwijkende voorwaarden met afnemers overeen te komen.

Ook tuinbouwmaterialen
Bedrijven hebben goede ervaringen met het gebruik van de collectieve tuinbouwvoorwaarden. Plantum NL heeft er daarom naar gestreefd de nieuwe voorwaarden zo veel mogelijk bij de 'oude' voorwaarden te laten aansluiten. De nieuwe voorwaarden zijn in lijn met de actuele wetgeving en de ontwikkelingen in de sector. Nieuw bij de algemene voorwaarden is dat zij nu ook gebruikt kunnen worden bij de levering van meststoffen en andere tuinbouwmaterialen. Plantum NL voorziet hiermee in een behoefte van haar leden. Een eenduidige, duidelijke en juridisch onderbouwde set van leveringsvoorwaarden is het resultaat. De voorwaarden zijn gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel Rotterdam, kantoor Gouda.
De leveringsvoorwaarden zullen vertaald worden in het Engels, Duits, Spaans en Frans.

Graszaadsector verheugd over toelating onkruidbestrijdingsmiddel
Gouda, 15 oktober 2002

Plantum NL en het Hoofdproductschap Akkerbouw (HPA), het Productschap Granen, Zaden en Peulvruchten (GZP) melden dat de Nederlandse graszaadtelers en graszaadbedrijven erg ingenomen zijn met het besluit van het CTB om het herbicide Puma S EW toe te laten voor de toepassing in winter- en zomertarwe en de zaadteelt van Engels raaigras. De reactie van de heer J. Horden, voorzitter van de Werkgroep Graszaden bij GZP, onderstreept het belang van het toegelaten middel. "Hier zat de graszaadsector echt op te wachten! Door de toepassing van Puma zijn graszaadtelers in staat de zaadkwaliteit van Engels raaigras te verbeteren."

Overleg met toelatingshouder beloond
De verleende toelating geeft aan dat de energie die de organisaties in het toelatingbeleid stoppen, zijn vruchten afwerpt. Deze zomer hebben Plantum NL, GZP en HPA gezamenlijk een projectmedewerker aangesteld die zich bezighoudt met het behoud van een effectief middelenpakket voor de akkerbouw en de sector uitgangsmateriaal. Mede door die inzet is de toelating van Puma versneld tot stand gekomen.

Positieve ontwikkelingen
De organisaties verwachten dat er in de nabije toekomst meerdere successen aan het toelatingenfront geboekt zullen worden. Er is voortdurend overleg met de toelatingshouders en voor enkele middelen zijn er op dit moment uitbreidingen van de toepassing in voorbereiding. Met hun inspanningen hopen de organisaties veel knelpunten in de kleine teelten op te lossen. Een oplossing voor de knelpunten in het toelatingenbeleid is overigens ook het belangrijkste punt van de agrarische sector in het overleg met het Ministerie van Landbouw Natuurbeheer en Visserij. Voordat het seizoen 2003 van start gaat, mogen er geen teeltbedreigende knelpunten meer bestaan, menen de belanghebbende organisaties uit de agrarische sector.

Blootstelling en huidbescherming
De Algemene Inspectiedienst voert sinds mei controles uit in de glastuinbouw. Bij deze acties kijkt de AI naar de naleving van de regels over het herbetreden van met gewasbeschermingsmiddelen behandelde gewassen en ruimten. Gedurende 14 dagen na het behandelen van het gewas met bepaalde middelen geldt nl. dat gewashandelingen alleen mogen worden uitgevoerd door personen die ouder zijn dan achttien jaar en uitsluitend met bedekte armen en het dragen van handschoenen. Bij één van de inspecties zijn op retourfust resten van gewasbeschermingsmiddelen aangetroffen. Dit leidt tot ingewikkelde procedures van het reinigen of verwijderen van het fust. Het verdient aanbeveling bedacht te zijn op mogelijke resten en hierover afspraken met uw afnemers te maken.

Voor meer informatie van het ministerie van Sociale Zaken klik op: Arbeid en gewasbescherming

PROMOTIEREIS KWEKERSRECHT IN CHINA
Gouda, 25 september 2002, Aanvragen van kwekersrecht in China wordt nu een serieuze mogelijkheid.

Een delegatie bestaande uit vertegenwoordigers van overheid en bedrijfsleven maakte half september een 'promotietocht' langs de Chinese steden Fuzhou, Guangzhou, Kunming en Peking. Deze reis was een vervolg op de reis die in april 2001 plaatsvond. Ging het in de eerste reis voornamelijk om algemene promotie van het kwekersrecht, nu was de missie er op gericht het niveau van het kwekersrechtonderzoek en de algemene handhaving van het kwekersrecht in China te verbeteren. Het aanmelden van rassen voor kwekersrecht in China wordt nu zeker het overwegen waard.

De delegatie bestond uit de heren C. van Ettekoven (Naktuinbouw), J. Barendrecht (vaste deskundige Raad voor het Kwekersrecht) en Th. Ruys (bestuurslid Afdeling Sierteeltveredeling Plantum NL), aangevuld met de heren R.J. Konijn (Nederlandse Landbouwattaché uit Peking) en W. van Weerdenburg (SIDHOC ).

Inleidingen over de inrichting van het kwekersrecht en het onderzoek in Nederland in de 'groente, landbouw en sierteelt' werden aangevuld door lezingen over de ontwikkelingen aan Chinese zijde. De discussies waren positief, van een goed niveau en zeer vruchtbaar. Uit de diverse toespraken van de politieke spelers kan geconcludeerd worden dat de Chinezen het kwekersrecht serieus nemen.

Alhoewel geconstateerd kan worden dat de Chinezen in eerste instantie meer prioriteit geven aan landbouw- en bosbouwgewassen, komt de sierteelt ook steeds meer in de belangstelling te staan. Voor de meeste gewassen waarvoor het kwekersrecht is geopend, zijn inmiddels onderzoeksprocedures ontwikkeld. In Fuzhou besteden de Chinezen aandacht aan bomen voor houtproductie, zoals Pinus en bamboe, terwijl in Guangzhou de aandacht uitgaat naar rijst en maïs. Ook onderzoek naar Cymbidiums en Phalenopsis komt hier op gang. In Kunming wordt rijstonderzoek gedaan op 1800 meter hoogte.

Inmiddels is het in China mogelijk om voor vijftig gewassen kwekersrecht aan te vragen. Dit najaar zal er een nieuwe lijst met gewassen verschijnen. Plantum NL heeft voorgesteld onder andere de gewassen Anthurium, Gerbera, Alstroemeria, ui, tomaat en boon op te nemen. Voor het aanvragen van kwekersrecht zijn twee ministeries van belang. Voor kruidachtige gewassen is dit het Chinese Ministerie van Landbouw (MOA) en voor houtachtige gewassen is dit het Ministerie van Bosbouw (SFA). Echter het aanvragen dient via gemachtigde instanties te gaan. Inmiddels zijn er 816 aanvragen voor kwekersrecht gedaan, waarvan er 216 zijn afgehandeld en verleend. De aanvragen komen helaas voornamelijk nog uit China zelf.
In de rijstteelt zijn de eerste ervaringen opgedaan met de handhaving van kwekersrechten en is een en ander redelijk verlopen. In totaal zijn er reeds twintig procedures bekend, waarvan er vijftien ten gunste uitvielen van de betreffende kwekers. De indruk is dat het kwekersrecht serieus wordt opgevat, mede als uitvloeisel van de recente toetreding van China tot de WTO. Het aanvragen van kwekersrecht voor rassen van gewassen die op de officiële lijst staan, is nu een serieuze optie.

PLANTUM NL STAAT!
Gouda, 13 september 2002, Plantum NL presenteert Visie op sector uitgangsmateriaal

Op donderdag 12 september stond de sector plantaardig uitgangsmateriaal centraal in het Green Trade Centre van de Floriade, zowel tijdens de Algemene Ledenvergadering van Plantum NL als in het seminar van de Rabobank. Plantum NL presenteerde tijdens de Ledenvergadering haar visie op de toekomstige positie van de sector plantaardig uitgangsmateriaal en daarbij de rol die zij als brancheorganisatie voor zichzelf voorziet in de belangenbehartiging van haar leden. De Rabobank presenteerde vervolgens haar rapport met visie over de Nederlandse sector uitgangsmateriaal voor de tuinbouw.

Plantum NL en de Rabobank hebben er bewust voor gekozen om gezamenlijk deze dag te organiseren. Inhoudelijk gezien was het seminar van bijzonder belang voor de leden van Plantum NL.

Blik op de toekomst
De heer Sjaak Langeslag, ter vergadering voor weer een jaar benoemd als voorzitter van Plantum NL, blikte in zijn jaarrede onder de titel 'Plantum staat!' met vooral positieve woorden terug op het eerste bestaansjaar van Plantum NL. In het veld van belangenbehartiging wordt Plantum NL inmiddels erkend als dé vertegenwoordiger van het plantaardig uitgangsmateriaal. Kunst is om deze positie verder uit te bouwen (en uit te dragen). Vervolgens werd de blik op de toekomst gericht; de heer Langeslag presenteerde de 'Plantum-visie' aan de leden. In deze visie zijn de speerpunten voor het beleid van Plantum NL opgenomen. De komende tijd zal de visie binnen de vereniging verder worden bediscussieerd. De uitgewerkte versie zal te zijner tijd worden gepubliceerd.

Verbetering imago van de sector
Verschillende aandachtspunten, zoals het realiseren van een effectief pakket gewasbeschermingsmiddelen en actief volgen van ontwikkelingen en regelgeving voor biologisch uitgangsmateriaal, kwamen in de visie naar voren. Uit een enquête onder de leden van Plantum NL bleek onder meer dat het dreigende tekort aan specifiek opgeleid personeel veel aandacht behoeft. Het stimuleren van jongeren om te kiezen voor agrarisch onderwijs en met name voor een werkveld in de sector uitgangsmateriaal is in de visie uiteraard een van de speerpunten. In dit kader zet Plantum NL zich ook in voor het verbeteren van het imago van de sector.

Naleving kwekersrecht
Actieve inzet voor verbetering en naleving van regelgeving voor kwekersrecht werd door de voorzitter als een belangrijk kernpunt van de visie aangestipt. Plantum NL streeft tevens naar verbetering van de regelgeving op diverse andere gebieden. Zo zet Plantum NL zich actief in voor aanvaardbare regels voor milieu en arbeid, voor regelgeving omtrent productkwaliteit en adequate EU-verkeersrichtlijnen. Daarnaast wil Plantum NL overheden stimuleren om handelsbelemmeringen op te heffen. Een ander aandachtspunt volgens de visie is de inzet voor relevante onderzoeksprojecten en de toegankelijkheid van subsidieregelingen voor haar leden.
De Ledenvergadering reageerde met instemming op de gepresenteerde visie.

Rabo-seminar
In het Rabobank-seminar dat volgde, kwamen voor een deel dezelfde kernpunten aan de orde. Over de Rabo-studie werd vervolgens een stevig debat gehouden. Onder andere de heren Le Clercq (Fides Straathof) en De Ponti (Nunza) en Verhalle (West Plant) gaven vanuit het bedrijfsleven hun visie op de toekomst van de sector uitgangsmateriaal. Mevrouw Bergkamp verwoordde namens het ministerie van Landbouw hoe zij de rol van de overheid zag voor de sector.
De organisatoren kunnen terugkijken op een in alle opzichten geslaagde dag.

GERBERA'S FOR LIFE
Gouda, 30 maart 2002
In het Oranje Nassau paviljoen op de Keukenhof te Lisse wordt van woensdag 10 april tot en met zondag 15 april voor de vierde keer de Gerberaparade gehouden. Daar presenteren alle gerberaveredelaars en een groot aantal gerberatelers hun producten. De show wordt georganiseerd door de Gewasgroep Gerbera van Plantum NL in samenwerking met LTO-Groeiservice.

Thema presentatie
Tijdens de zesdaagse show wordt een belangrijk deel van het huidige assortiment, evenals de nieuwste variëteiten van de gerbera gepresenteerd. Daarnaast toont de presentatie 'Gerbera's for life' diverse arrangementen met gerbera's die, naar het succes van vorig jaar, één belangrijk moment in het leven symboliseren. De geboorte is het thema dat in de editie 2002 op een speciale manier belicht wordt. In de presentatie zal te zien zijn hoe hoofdarrangeur Dries Lecke dit thema op verschillende manieren verwerkt heeft.

VKC keuring

Dit jaar zal de presentatie van de VKC keuring in een ander jasje worden gestoken. Om de keuring ook voor het publiek aantrekkelijk te maken, zullen arrangementen worden gemaakt in onder meer schalen en bakken met allerlei bijmaterialen. Een aantal bloemen zal op uniforme wijze worden gestoken voor de keuring. De keuring van deze tien gerbera's zal op dezelfde wijze uitgevoerd worden als voorheen. Dit betekent dat de jury dezelfde kwaliteitscriteria zal hanteren en zodoende deze bloemen ook op steellengte zal beoordelen. Met de overige bloemen zal het eerder genoemde arrangement gevuld worden. Deze presentatievorm van de telercompetitie is geheel nieuw en de Gerberaparade is dan ook een van de eerste tentoonstellingen waar dit wordt toegepast! De show zal in deze vorm zeer zeker aantrekkelijker worden! Naast het feit dat de VKC keuringen een prachtige productpresentatie worden, is het doel van de veredelaars mede om de keuringen op deze manier naar een hoger plan te tillen. De telers krijgen nu de mogelijkheid om in competitieverband de meest optimale teeltpresentatie te leveren. De Promotiewerkgroep Gerbera gaat ervan uit dat deze nieuwe manier van presenteren een groot aantal en een breed scala aan VKC inzendingen zal opleveren.

Het perspectief van Lisianthus
Gouda, 26 februari 2002 Zorgen over winterteelt van lisianthus ketenbreed aangepakt

Wie het vakblad de laatste weken heeft bijgehouden, weet dat er donkere wolken boven de jaarrondproductie van Lisianthus zijn samengepakt. Of de bui zal overwaaien is de vraag. Vandaar dat veredelaars, plantenkwekers, telers en handel elkaar hebben opgezocht. Eind februari hebben de ketenpartijen overlegd onder voorzitterschap van de Naktuinbouw. Gerichte uitwisseling van kennis, luisteren naar elkaars problemen en gezamenlijk oplossingen zoeken, leveren een belangrijke bijdrage aan een betere winterkwaliteit van Nederlandse bodem van dit nog jonge product. Tijdens de bespreking bleek dat de zaak minder zwart-wit ligt als in eerste instantie uit de berichtgeving leek. Voor een belangrijk deel van het jaar is Lisianthus een rendabel teelbaar product. Er zijn voldoende kleuren en bloemtypen op de markt. Echter de markt vraagt om een zwaardere kwaliteit gedurende de winter. De jaarrondtelers zijn daarom meer en meer overgestapt op het jaarrondtelen van zomertypes. Om deze goed te kunnen telen is flink geïnvesteerd in het belichtingsniveau. Een te hoog uitval- en nabloeipercentage maakt dat er te weinig takken van de meter verhandeld kunnen worden. Zijn de rassen niet aan het teruglopen, vragen de telers zich af. Is er bij de veredelaars wel genoeg aandacht voor de ontwikkelingen van goede winterrassen? De veredelaars en vermeerderaars stellen daar tegen over dat de mogelijkheden van de bestaande rassen overschat worden. Wat er niet inzit, kun je er niet uithalen. De veredelaars werken aan gerichte verbeteringen, maar dat kost tijd. Wel is er bereidheid getoond om proefsgewijs naakt zaad te leveren, zodat gekeken kan worden of het bewerken van zaad tot een betrouwbare verbetering kan leiden. Ook zal er naar de effecten van verschillende pillen gekeken worden. Als het om ongelijkheid en zittenblijvers (rozetting) gaat, verwachten de telers het nodige van hun plantenleveranciers. De individuele bedrijven zijn stuk voor stuk bezig met temperatuursbeheersing gedurende de opkweek, maar gaven aan dat een geconditioneerde opkweek een brug te ver is. Afgesproken is om op de kortstmogelijke termijn een gezamenlijke plantselectieproef op te zetten. Met als gedachte dat je beter een jong plantje weg kan gooien dan een niet-oogstbare tak. De telers bleken niet ongevoelig voor de kritiek vanuit de andere overlegdeelnemers en gaven aan te willen onderzoeken of minder dik planten en rustiger telen een bijdrage aan een hoger oogstpercentage zal geven. Vanuit de handel werd duidelijk aangegeven dat men wil betalen voor een goede kwaliteit Lisianthus, jaarrond!

International Convention on Plant Genetic Resources for Food and Agriculture (International Undertaking)
Na jaren van onderhandelingen (sinds 1994) is op 3 november de herziene versie van de International Undertaking, nu genoemd International Convention on Plant Genetic Resources for Food and Agriculture, aangenomen met 116 landen voor en twee onthoudingen (Japan en de Verenigde Staten). Het nieuwe verdrag zal in werking treden op het moment dat het door 40 landen geratificeerd is. In de laatste ronde van onderhandelingen is men het eens geworden over de drie struikelblokken die er nog waren:
- relatie van deze conventie tot WTO
- intellectueel eigendom
- lijst met gewassen die onder het multilaterale systeem van de conventie zullen vallen.
Voor de uitgebreide tekst van de conventie wordt verwezen naar: ftp://ext-ftp.fao.org/waicent/pub/cgrfa8/iu/ITPGRe.pdf

FAO Press Release 01/81 C5
INTERNATIONAL CONVENTION ON PLANT GENETIC RESOURCES FOR FOOD AND AGRICULTURE APPROVED BY FAO CONFERENCE
Rome, 3 November 2001- An International Convention on Plant Genetic Resources for Food and Agriculture approved today by the Conference of the UN Food and Agriculture Organization (FAO), will ensure better use of plant genetic diversity to meet the challenge of eradicating world hunger. The International Convention on Plant Genetic Resources for Food and Agriculture is a unique comprehensive international agreement. It takes into consideration the particular needs of farmers and plant breeders, and aims to guarantee the future availability of the diversity of plant genetic resources for food and agriculture on which they depend, and the fair and equitable sharing of the benefits, FAO experts say.

The International Convention is in harmony with the Convention on Biological Diversity (CBD) which was adopted in 1992 as the first international binding agreement covering biodiversity. In 1994, the FAO initiated an inter-governmental negotiating process for the revision of the 1983 International Undertaking on Plant Genetic Resources for Food and Agriculture, in order to adopt it as a legally binding agreement, in harmony with the CBD. The parties at this Convention have recognized the distinct characteristics and problems of agro-biodiversity and the need for specific solutions to be developed by FAO.

The long and complex negotiating process, which gave birth to the new Convention, has been led by Ambassador Fernando Gerbasi of Venezuela, Chairman of the FAO Commission on Genetic Resources for Food and Agriculture (CGRFA). This new legally binding international agreement - which will enter into force when ratified by at least 40 States - provides a framework to ensure access to plant genetic resources, and to related knowledge, technologies, and internationally agreed funding. It also provides the agricultural sector with a multilateral tool to promote cooperation and synergy with other sectors, particularly with trade and the environment.

"The International Convention on Plant Genetic Resources for Food and Agriculture is at the crossroads where agriculture, environment and trade meet. It is a major international instrument reflecting the significance of access and benefit sharing as the basis for continued and sustainable utilization of plant genetic resources for food and agriculture," FAO Director-General Dr. Jacques Diouf said.
"The approval by the FAO Conference of this International Convention on Plant Genetic Resources for Food and Agriculture is a milestone in international cooperation. It is the successful outcome of lengthy negotiations which started in November 1994 among FAO's Member States," Dr. Diouf added.

The Convention revises the previous International Undertaking, which was adopted by the FAO Conference in 1983 as an instrument to promote international harmony in matters regarding access to plant genetic resources for food and agriculture. It recognized Farmers' Rights as being complementary to plant Breeders' Rights.
One hundred and thirteen countries have adhered to the original International Undertaking, which seeks to "ensure that plant genetic resources of economic and/or social interest, particularly for agriculture, will be explored, preserved, evaluated and made available for plant breeding and scientific purposes.

"The International Undertaking is monitored by FAO's CGRFA, a permanent forum for debate created in 1983 and currently composed of 160 Member Countries, which will now act as the Interim Committee for the new International Convention, until it enters into force. Mr. José Esquinas-Alcázar, Secretary of the Commission, underlined "the technical, social, economic, political and ethical issues which surround the conservation and sustainable use of genetic resources."Mr. Esquinas-Alcázar added that despite the approval of the International Convention, "an enormous task still lies ahead to implement the provisions of the Convention, in particular in view of the need to ensure that the genetic resources and local technologies developed by generations of farmers are complemented and enhanced by the new genetic technologies, and not threatened or replaced by them.

"The length of the negotiations reflects the difficulties in reaching agreement on matters related to intellectual property rights and the list of crops covered by the Convention. However, the Convention shows the wide international commitment that both traditional and modern technologies should be used to serve humanity, in particular to alleviate hunger and promote sustainable development in developing countries.