Persberichten
Plantum NL
Hieronder vindt u de persberichten van Plantum NL per jaargang vanaf 2001.
De nieuwste persberichten
oude persberichten uit 2010
oude persberichten uit 2009
oude persberichten uit 2008
oude persberichten uit 2007
oude persberichten uit 2006
oude persberichten uit 2005
oude persberichten uit 2004
oude persberichten uit 2003
oude persberichten uit 2002
oude persberichten uit 2001
Gouda, 19 december 2008
Grasgids 2009 
De Grasgids 2009 is onlangs verschenen. Deze compacte en overzichtelijke gids is een handige leidraad voor iedereen die betrokken is bij de aanleg en het onderhoud van grasvelden. De gids geeft een compleet overzicht van de nieuwste grasrassen en mengsels die geschikt zijn voor toepassing voor sportvelden, gazons, recreatie, bermen en dijken en golfgreens. Plantum NL stelt deze gids jaarlijks samen op basis van de meest recente resultaten uit het cultuur- en gebruikswaardenonderzoek.
De Grasgids 2009 geeft actuele informatie over diverse grassoorten en grasmengsels. Deze grassoorten zijn uitgebreid getoetst op hun geschiktheid voor de verschillende toepassingsgebieden in de sport- en recreatiesector. Specifieke eigenschappen zoals bespelingstolerantie, wintervastheid, schaduwtolerantie, opkomstsnelheid en resistenties tegen enkele belangrijke en veel voorkomende ziekten staan in handige overzichten weergegeven. Daarnaast geeft de gids achterinformatie over de juiste toepassingen. Daarmee is het een onmisbare gids voor iedereen die beroepsmatig betrokken is bij het aanleggen en onderhouden van grasvelden.
De Grasgids 2009 is te bestellen bij Arko Sports Media BV, email: sport@arko.nl
Prijs: €10,95 (excl. BTW en verzendkosten). Bij een jaarlijks abonnement kost de gids €7,95.
ISBN: 978-90-5472-080-5.
terug naar index
Gouda, 4 december 2008
Anthurium en alle bloembolgewassen naar dertig jaar kwekersrecht
Het Nederlandse kwekersrecht wordt per 1 januari 2009 voor Anthurium en voor alle bloembolgewassen verlengd tot 30 jaar. De verlenging van het kwekersrecht voor bloembolgewassen geldt voor de bolgewassen zoals genoemd in bijlage II van de Landbouwkwaliteitsregeling 2007 (dit zijn alle bloembollen die vallen onder de keuring van de BKD) alsmede voor freesia en nerine. Minister Verburg van LNV heeft daartoe een wijziging van de Regeling werkzaamheden Raad voor Plantenrassen in de Staatscourant gepubliceerd.
De kwekersrechttermijn van dertig jaar geldt ook voor alle reeds beschermde rassen, mits die op 1 januari 2009 nog beschermd zijn met Nederlands kwekersrecht. Rassen die beschermd zijn onder Europees kwekersrecht kunnen ook profiteren van de Nederlandse regeling mits er nog een slapend Nederlands kwekersrecht aanwezig is. Na afloop van de termijn van het Europese kwekersrecht kan het Nederlandse kwekersrecht weer actief worden gemaakt en kan nog vijf jaar van het Nederlandse recht worden geprofiteerd.
Plantum NL is uiteraard zeer verheugd dat haar lobby voor verlenging van het kwekersrecht voor deze gewassen is geslaagd. In eerste instantie hadden we al een beschermingsduur van dertig jaar weten te bereiken voor tulp, lelie en freesia. Nu is ons verzoek om dit naar alle bloembolgewassen uit te breiden gehonoreerd. Tevens is gevolg gegeven aan het verzoek om de verlenging ook aan het gewas Anthurium toe te kennen. De argumenten die Plantum NL hiervoor heeft aangedragen hadden niet alleen betrekking op de vermeerderingssnelheid, maar bijvoorbeeld ook op de beproevingsduur en de tijd om een marktpositie op te bouwen.
In de Staatscourant is door het Ministerie van Landbouw de volgende overweging gepubliceerd: De duur van het kwekersrecht hangt samen met de termijn waarbinnen gewassen tot volle wasdom komen en met de exploitatie van het kwekersrecht de investeringskosten kunnen worden terugverdiend. Omdat het veel tijd kost om enkele generaties te maken en te beoordelen, hetzij omdat het relatief lang duurt voordat een ras van een gewas is opgebouwd door de lage vermeerderingssnelheid, hetzij doordat het vanwege de teeltwijze van een gewas lang duurt voordat vaststaat of een ras commerciële waarde heeft in de verschillende teelten, is voor bepaalde gewassen met hoge ontwikkelingskosten een langere kwekersrechtduur nodig.
terug naar index
Gouda, 3 december 2008
Nederland en China tekenen intentieverklaring tot verdere samenwerking op kwekersrechtgebied
Het Chinese Ministerie van Landbouw, Naktuinbouw en Plantum NL, tekenden woensdag 26 november jl. een intentieverklaring om verder samen te werken op het gebied van kwekersrecht. De samenwerking zal zich vooral richten op de verbetering van het technische kwekersrechtonderzoek in China in een aantal nader te bepalen gewassen waarvoor het kwekersrecht nu nog niet openstaat. Kennis van deze gewassen bij de Chinese onderzoeksstations kan de beslissing om het kwekersrecht in China voor die gewassen open te stellen positief beïnvloeden. De uitbreiding van de lijst te beschermen gewassen is een beslissing die op hoog politiek niveau wordt genomen. De partners hebben daarom tevens in de intentieverklaring vastgelegd om hiervoor aanbevelingen aan de beide Ministeries van Landbouw ter bespreking voor te leggen.
Letter of Intent
De Letter of Intent werd ondertekend tijdens het afsluitende seminar van het huidige DUS-samenwerkingsproject tussen Naktuinbouw, Plantum NL, het Development Center of Science and Technology van het Chinese Ministerie van Landbouw en het Institute of Vegetables and Flowers in Beijing. Naast de directeuren van DCST, de heren Duan Wude en Liu Ping, de heer Nico Koomen van Naktuinbouw en de heer Aad van Elsen van Plantum NL was ook mevrouw Nuytens, de Nederlandse landbouwattaché in Beijing, bij het seminar aanwezig. Tijdens het seminar werden
de resultaten van twee
jaar samenwerking besproken. De volgende positieve resultaten aan Chinese zijde werden genoemd. Er is een groot aantal Chinese onderzoekers getraind, zowel in Nederland als in China zelf. Daarmee is de technische kennis in China toegenomen. De kwekersrechttarieven zijn behoorlijk verlaagd. Verder is op verzoek van het Nederlandse bedrijfsleven het kwekersrecht sinds afgelopen april mogelijk geworden voor Anthurium en Guzmania. Ook is informatie over het Chinese kwekersrechtsysteem beter toegankelijk gemaakt voor buitenlandse aanvragers middels het openen van een Engelstalige website (www.cnpvp.cn). Daarentegen zijn er ook een aantal kritische kanttekeningen te plaatsen. Zo is het Chinese systeem niet bijzonder transparant en kan de gehele verleningsprocedure lang duren. Ook zijn op dit moment nog lang niet alle gewassen beschermbaar. Met name een groot aantal sierteeltgewassen ontbreekt nog op de Chinese beschermingslijst.
UPOV
China is lid van het verdrag uit 1978
van de internationale
kwekersrechtconventie UPOV. Volgend jaar is China 10 jaar lid van UPOV en zal dit uitgebreid vieren. Een belangrijke wens van het Nederlandse bedrijfsleven is dat China lid wordt van het verdrag uit 1991, dat betere bescherming biedt en vereist dat het kwekersrecht openstaat voor alle plantensoorten. Vorige maand nog besprak Minister President Balkenende dit punt met zijn Chinese collega’s. Ook de overname
van de onderzoeksrapporten
uit Nederland bij een aanvraag in China is een wens van Nederland. Dit punt zal nog verder worden besproken met de Chinese overheid.
Duidelijk is dat de Nederlandse bedrijven een ruime koppositie innemen voor wat betreft het aantal buitenlandse kwekersrechtaanvragen in China. De Chinezen hebben zichzelf ten doel gesteld het aantal kwekersrechtaanvragen de komende jaren te verhogen. Om dit te bewerkstelligen zal de kwaliteit van het huidige kwekersrechtonderzoek nog flink verbeterd moeten worden.

De voorste rij van links naar rechts: de heer Aad van Elsen, directeur van Plantum NL, Mr Duan Wude, directeur van het Development Center of Science and Technology van het Chinese Ministerie van Landbouw en de heer Nico Koomen, directeur Naktuinbouw, tekenden op woensdag 26 november jl. een intentieverklaring tot verdere samenwerking op het gebied van kwekersrecht.
Op de achterste rij: De heer Lin Xiangming, Director Office for Protection of new Varieties of Plant Department, Mevrouw Gabrielle Nuytens, Nederlands landbouwattaché in Beijing, Liu Ping, Deputy General Director van het Development Center of Science en Technology en mevrouw Judith Blokland, juridisch medewerker van Plantum NL.
terug naar index
1 december 2008
Nominaties Innovatieprijs Gewasbescherming bekend
Voor de Innovatieprijs Duurzame Gewasbescherming zijn het middel Trianum en de technieken Uvc-Meto en Canopy Density Spraying genomineerd. Op basis van vijf criteria behaalden zij de beste score van alle inzendingen. De winnaar wordt bekend gemaakt tijdens de kennisbijeenkomst van Schone Bronnen op 5 maart 2009.
De convenantpartners LNV, VROM, LTO, Vewin, Nefyto, Agrodis, Plantum en UvW willen graag duurzame gewasbescherming stimuleren door het uitreiken van de Innovatieprijs Duurzame Gewasbescherming. Voor deze prijs zijn 22 inschrijvingen ontvangen. Een deskundige jury onder leiding van Hans Alders heeft alle inzendingen op de volgende punten beoordeeld:
- Mate van vernieuwing
- Bijdrage aan geïntegreerde gewasbescherming
- Milieuresultaat
- Potentiële praktische toepasbaarheid
- Kosten en baten
Nominaties
Drie inschrijvingen die volgens de jury het beste scoren op de verschillende criteria zijn genomineerd voor de prijs. Dit zijn in willekeurige volgorde:
- Trianum, Biologisch gewasbeschermingsmiddel en plantversterker ontwikkeld door Koppert Biological Systems;
- Canopy Density Spraying, Gewasafhankelijke gewasbeschermingstechniek ontwikkeld door PRI;
- Uvc-Meto, Automatische belichtingswagen voor het toedienen van ultraviolet licht in glastuinbouwgewassen ontwikkeld door Berg Product BV.
Meer informatie over de nominaties kunt u hier vinden
Andere Inzendingen
De jury is positief verrast door de variatie aan inzendingen: van alternatieve middelen, niet-chemische technieken, technieken voor lage middeldosering, nieuwe voorlichtingsinstrumenten tot projecten voor duurzame gewasbescherming. De jury vindt voorlichtingsinstrumenten zoals de aaltjeswijzer en projecten zoals Zuiver Water belangrijk omdat deze een breed bereik hebben. Ook een aantal andere inschrijvingen zijn interessant, maar hebben soms onvoldoende milieuresultaat of zijn alleen gericht op een enkele teelt. Een overzicht van alle innovaties is hier te vinden. De jury moedigt alle inschrijvers aan de innovaties verder te ontwikkelen.
Prijsuitreiking
De winnaar wordt bekend gemaakt op de kennisdag van Schone Bronnen op 5 maart 2009. De drie genomineerde innovaties zullen te zien zijn in een korte film. De winnaar ontvangt een geldbedrag en extra promotie van de innovatie.
terug naar index
26 november 2008
Klachtenprocedure certificering steenwolsubstraten vastgesteld
Er zijn afspraken gemaakt tussen afnemers en producenten van KIWA gekeurde substraatmaterialen. Het gaat om producten van Cultilène, Grodan en Jongkind Grond. De afspraken zijn vastgelegd in een Beoordelings RichtLijn (BRL); de afspraken worden door KIWA gecontroleerd. Er kwam soms kritiek van de gebruikers van deze substraten. Zowel producenten als afnemers hebben nu een procedure gemaakt over hoe met kritiek, die samenhangt met groeiproblemen, zal worden omgegaan. Deze procedure is te downloaden via de volgende links:
De klachtenprocedure
De BeoordelingsRichtLijn (BRL K10001)
Informatie is te krijgen bij de secretaris van het College van Deskundigen van Substraatmaterialen.
terug naar index
19 november 2008
Clavibacter besmetting voorkomen
Dinsdag 18 november 2008 is bij zes Nederlandse opkweekbedrijven, leden van Plantum NL, bekend gemaakt dat hen tomatenzaad is geleverd dat mogelijk besmet is met Clavibacter michiganensis subsp. michiganensis (Cmm). Het nog jonge plantmateriaal op de betrokken bedrijven is nog dezelfde dag vernietigd en de afnemers zijn op de hoogte gesteld. Het ging om kleine hoeveelheden zaad van verschillende, nog niet commercieel geïntroduceerde rassen.
De zaad- en opkweekbedrijven hebben in de afgelopen tijd al uitgebreide maatregelen genomen om een besmetting met Clavibacter te voorkomen. Daardoor kon er nu zeer snel worden ingegrepen waardoor het mogelijke probleem in de kiem is gesmoord. Hiermee is verdere schade voorkomen.
De zes opkweekbedrijven hebben nu besloten om de nog niet commercieel geïntroduceerde tomatenrassen, de zogenaamde beproevingsrassen, niet langer te zaaien. De risico’s bij het zaaien van deze kleine partijen zaad zijn daarvoor te groot. Ook de collega opkweekbedrijven wordt geadviseerd deze nog niet commercieel geïntroduceerde rassen niet meer te zaaien.
De Clavibacterbesmetting is door de Plantenziektenkundige Dienst na zeer langdurig onderzoek aangetroffen in een monster dat in augustus genomen werd van de planten waarvan het zaad is geoogst. Het betrof een zogenaamd mengmonster afkomstig van een groot aantal proefrassen. Daarom is op dit moment niet te herleiden welke daarvan mogelijk besmet is met de bacterieziekte. In de uitgeleverde zaadpartijen, die allen getoetst zijn, is geen Clavibacter aangetoond. Ook tijdens de visuele inspecties is in de productie geen Clavibacter geconstateerd. De sector onderhoudt intensief contact met de Plantenziektenkundige Dienst over de ontstane situatie.
terug naar index
11 november 2008
Elimineren en weren van Clavibacter (bacterieverwelkingsziekte)
Clavibacter michiganensis subsp. michiganensis is de veroorzaker van de bacterieverwelkingsziekte en heeft de afgelopen twee jaar al voor een flinke schade gezorgd bij zaadproducenten, plantenkwekers en telers van tomaten. Om deze ziekte een halt toe te roepen in de tuinbouw heeft de hele keten de koppen bij elkaar gestoken en worden maatregelen genomen. Een stuurgroep met daarin Plantenziektenkundige Dienst, Naktuinbouw, Plantum NL, LTO Groeiservice, Groen Agro Control en Productschap Tuinbouw is een programma gestart om met de hele keten te werken aan de oplossing van het probleem Clavibacter en de achterban hiervan op de hoogte te houden.
Binnen het programma worden onderzoeken uitgevoerd waaronder de ontwikkeling van een gevoelige toets voor Clavibacter in jonge planten. Ook wordt door middel van een literatuurstudie een inventarisatie gemaakt van de mogelijkheden van het ontsmetten van met name gereedschap en andere materialen. Er wordt een maximale uitwisseling van informatie nagestreefd door de betrokken partijen en ook in internationaal verband aansluitend bij initiatieven van EPPO (European and Mediterranean
Plant Protection Organization) en ISHI (International Seed Health Initiative).
In de toekomst kunt u meer nieuws verwachten van de stuurgroep over het elimineren en weren van Clavibacter uit de Nederlandse teelt van tomaten
28 oktober 2008
Balkenende breekt lans voor Groene Genetica en kwekersrecht in China
Premier Balkenende en minister Verburg maakten zich sterk voor de Groene Genetica en het kwekersrecht tijdens hun bezoek aan Beijing vorige week. Balkenende sprak met premier Wen Jiabao over de intensieve samenwerking op het gebied van veredeling en onderstreepte het belang van de handhaving van het kwekersrecht. Minister Verburg benadrukte tijdens de Roundtable rond het thema Groene Genetica, op vrijdag 24 oktober jl., het belang van publiek private samenwerking in de Groene Genetica en het gezamenlijke Chinees-Nederlands onderzoek. Daarnaast ging ze in op de mogelijkheden voor samenwerking op het gebied van onderwijs, verdere implementatie van het kwekersrecht in China en het belang van wederzijdse toegankelijkheid tot genenbanken. Van Chinese zijde is de belangstelling voor verdere samenwerking en kennisuitwisseling met Nederland groot.
TTI Groene Genetica, Plantum NL en de vertegenwoordigers van het bedrijfsleven zijn zeer verheugd over deze succesvolle bijeenkomst. Het bezoek aan China bood hen volop gelegenheid om de Nederlandse sector Groene Genetica krachtig te positioneren bij de Chinese en Nederlandse overheid.
Premier Balkenende benadrukte bij de Chinese premier, evenals minister Verburg bij haar collega Minister Sun van Landbouw, dat er verbeteringen gewenst zijn op het gebied van het kwekersrecht. Veel Nederlandse veredelings- en vermeerderingsbedrijven zijn actief in China. De Chinese markt is veelbelovend. Toch zijn Nederlandse bedrijven terughoudend om nieuwe rassen op de Chinese markt te introduceren, omdat het kwekersrecht in China nog onvoldoende bescherming biedt en bovendien beperkt is tot een klein aantal gewassen. In het gesprek werd geconcludeerd dat China en Nederland gezamenlijk verder zullen werken aan een bredere implementatie van het kwekersrecht in China. Van Nederlandse zijde is benadrukt dat ondertekening van UPOV ’91 wenselijk is.
Minister Verburg was voorzitter van de Roundtable meeting Groene Genetica, georganiseerd door TTI Groene Genetica in samenwerking met de Nederlandse Ambassade. Daar kwam het belang van gezamenlijk onderzoek aan de orde. Onderzoek is van levensbelang voor bedrijven die actief zijn in plantaardig uitgangsmateriaal. De samenwerking tussen China en Nederland heeft al geleid tot de realisatie van het Potato Genome Sequencing consortium en zal leiden tot een publiek privaat project op het gebied van het komkommergenoom.
Ook op het gebied van onderwijs en kennisuitwisseling zijn er verschillende initiatieven gaande. Zo is er onlangs een overeenkomst gesloten tussen Wageningen UR en de Chinese Academie voor Landbouwwetenschappen. Maar ook op de thema’s ondernemerschap, fytosanitaire zaken en bescherming van het kwekersrecht vindt volop bijscholing en kennisuitwisseling plaats.
Ook werden biodiversiteit en de toegang tot genenbanken besproken. Beschikbaarheid van genetisch materiaal is essentieel voor de ontwikkeling van nieuwe rassen en goed beheer van genetische bronnen staat daarbij voorop.
De Nederlandse delegatie die bestond uit vertegenwoordigers van het bedrijfsleven, TTI Groene Genetica, Plantum NL en beleidsambtenaren is zeer enthousiast over de bijeenkomst enerzijds vanwege de interesse van Chinese zijde en anderzijds vanwege de belangstelling en de steun die de premier en de minister toonden voor de sector plantaardig uitgangsmateriaal, een zeer succesvolle sector binnen de Nederlandse economie.
30 september 2008
Goed uitgangsmateriaal bron van succesvol tuinbouwcluster
De sector plantaardig uitgangsmateriaal neemt een koppositie in op het gebied van duurzaamheid, innovatie en hoogwaardige veredelingsmethoden. Daarmee staat deze sector aan de bron van het succesvolle tuinbouwcluster in Nederland. De heer Van der Tak, voorzitter van Greenport(s) Nederland en burgemeester van Westland, roemde de innovatiekracht en de internationale oriëntatie van de sector uitgangsmateriaal tijdens de drukbezochte Algemene Ledenvergadering van Plantum NL op 26 september jl.
‘De Greenports zullen de kracht van de tuinbouwcluster en de belangrijke positie die zij inneemt in de Nederlandse economie verder versterken’, aldus de heer Van der Tak. ‘De Greenports zijn het hart van wereldwijde netwerken. De internationale belangrijke rol van de sector plantaardig uitgangsmateriaal is hierbij een voorbeeld voor de hele tuinbouwcluster’. Van der Tak voorziet voor deze sector een belangrijke rol in de business case van de Greenport Shanghai.
Plantum NL gaat extra investeren om meer jongeren voor de sector te interesseren. De Algemene Ledenvergadering besloot dat de tijd rijp is om hier gezamenlijk de schouders onder te zetten. De komende drie jaar zal hiervoor een projectmedewerker worden aangetrokken. De terugloop van het aantal afgestudeerden van plantgerichte studies in het groene onderwijs heeft namelijk tot gevolg dat de sector te kampen heeft met een toenemend tekort aan geschikte arbeidskrachten. Zelfs zodanig dat een verdere groei van deze bloeiende sector in Nederland onder druk kan komen te staan.
terug naar index
11 september 2008
Vragen over uw werk en gezondheid? ArboAntwoord!
In september 2008 lanceren het Nederlands Centrum voor Beroepsziekten en het Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid de website ArboAntwoord. ArboAntwoord maakt deel uit van een wetenschappelijk onderzoek naar nieuwe manieren van informatie- en kennisdelen op het gebied van werk, gezondheid en veiligheid.
Via de website kunnen mensen op de werkvloer vragen over werk en gezondheid aan experts stellen en een antwoord op maat krijgen. Dat maakt ArboAntwoord anders dan al die websites met algemene arboinformatie waarop vaak nét niet die informatie te vinden is die past bij uw situatie. De experts van ArboAntwoord kunnen informatie en kennis vertalen in een antwoord op maat voor uw werksituatie zodat u geholpen wordt met uw specifieke probleem. De website is bestemd voor iedereen op de werkvloer die vragen heeft over werk, gezondheid en veiligheid. Dus voor arbo-coördinatoren en preventiemedewerkers, maar ook voor werknemers en werkgevers.
ArboAntwoord werkt rechtstreeks, snel en is kosteloos te gebruiken. U meldt zich aan en kunt uw vraag direct aan een van de experts stellen. Uw vraag komt via e-mail bij een door uzelf uitgekozen expert terecht en u krijgt het antwoord ook weer via e-mail terug. Op de website kunnen eerder gestelde vragen en antwoorden doorzocht worden. Hier vindt u alleen geanonimiseerde vragen waarvan door de vragensteller is aangegeven dat ze gepubliceerd mogen worden. Op deze manier kunnen andere vragenstellers ook meeprofiteren van de nieuwe kennis en gaat de kennis niet verloren.
Heeft u vragen over werk, gezondheid en veiligheid waar u maar geen goed antwoord op kunt vinden? Laat ze dan vanaf 30 september beantwoorden door experts via www.arboantwoord.com. Deze link kunt u ook terugvinden op onze pagina over sociale zaken. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de onderzoeker van dit project, Martijn Rhebergen
29 augustus 2008
Geslaagd werkbezoek Europarlementariër
VVD-Europarlementariër Jan Mulder en diens medewerker brachten donderdag 28 augustus jl. een werkbezoek aan zaadbedrijf Rijk Zwaan in De Lier op uitnodiging van Plantum NL, LTO en Nefyto. De heer Mulder was uitgenodigd om met hen te spreken over de mogelijke gevolgen van de revisie van de EU Gewasbeschermingsrichtlijn. Na het politieke akkoord in juni over de nieuwe EU-Gewasbeschermingsverordening in de Europese Raad van Landbouwministers behandelt het Europarlement de revisie dit najaar, met naar verwachting in december de stemming erover.
De heer Pim Neefjes van Syngenta Seeds ging namens Plantum NL in op het belang van gewasbescherming voor de zaadsector. Hij benadrukte de positieve aspecten die in het huidige voorstel verwoord staan, zoals de wederzijdse erkenning van toelatingen in de verschillende EU-landen; Europa als één zone voor zaadbehandeling en voor toepassingen in bedekte teelten, met vrij verkeer en gebruik van behandeld zaad binnen Europa; meer mogelijkheden voor kleine toepassingen (kleine gewassen en onderzoeksdoeleinden). Hij sprak evenals Nefyto en LTO zijn zorg uit dat door toepassing van de zogenaamde ‘cut off criteria’ het gevaar bestaat dat er te weinig stoffen beschikbaar zullen blijven voor een effectieve gewasbescherming.
De heer Mulder zegde toe dat hij zal vasthouden aan de risicobenadering bij de beoordeling van gewasbeschermingsmiddelen, in plaats van de voorgestelde ‘cut off criteria’. Dit is zeer belangrijk voor het behoud van een effectief pakket aan middelen. Ook sprak de heer Mulder zich uit voor een zonale benadering bij de toelating van gewasbeschermingsmiddelen, met wederzijdse erkenning. Dit is een belangrijk punt voor verdere harmonisatie binnen de EU en een level playing field voor telers.
De heer Mulder toonde zich betrokken bij de problematiek en was zeer geïnteresseerd in de bedrijfsvoering bij Rijk Zwaan. Plantum NL en de andere organisatoren kunnen dan ook terugzien op een zeer geslaagd werkbezoek!

van links naar rechts: Jan Huitema (assistent van Jan Mulder), Jaap van Wenum (LTO Nederland), Gea Bouwman (Plantum NL), Jan Mulder, Jan Bouwman (Syngenta Crop Protection/ Nefyto)
28 augustus 2008
Factsheet om Xanthomonas in aardbeien te voorkomen opgesteld
Groen Agro Control en de Plantenziektenkundige Dienst hebben met financiële ondersteuning van Plantum NL en Productschap Tuinbouw op basis van onderzoek een toets ontwikkeld waarbij binnen drie dagen te zien is of de bacterie Xanthomonas fragariae in het aardbeigewas aanwezig is.
Xanthomonas fragariae is een bacterie die grote schade kan veroorzaken in de aardbeienteelt. Hiermee kunnen in een vroeg stadium niet-zichtbare infecties opgespoord en vernietigd worden. Verder zijn naar aanleiding van onderzoek praktijkrichtlijnen opgesteld in de factsheet ter preventie van Xanthomonas.
Zeer besmettelijk
Xanthomonas fragariae is een bacterie die in de aardbeiteelt aantastingen kan veroorzaken op bladeren en in het rhizoom van de plant. Bacterievlekkenziekte en aantastingen van het rhizoom kunnen voor aanzienlijke economische schade zorgen. De bacterie is zeer besmettelijk en kan via gewashandelingen verspreid worden. Daarnaast is besmet plantgoed een belangrijke route van verspreiding. Voor Xanthomonas fragariae geldt een quarantainestatus.
De factsheet Preventie van Xanthomonas fragariae in aardbei door monitoring en hygiëne is te vinden op de site van het Productschap Tuinbouw
terug naar index
12 augustus 2008
Holland biodiversity genomineerd voor innovatieprijs
HBD is genomineerd voor de prestigieuze Herman Wijffels Innovatieprijs van de RABO Bank voor het jaar 2008. Van de 409 inschrijvingen zijn zij met negen andere inzenders genomineerd.
HBD is genomineerd op grond van haar bedrijfsactiviteit omtrent ketenregie van productie en verwerking van inhoudstoffen uit bolgewassen voor de farmaceutische en cosmetische industrie. Deze activiteiten leiden tot nieuwe mogelijkheden voor de groene sector in het algemeen en de bollensector in het bijzonder.
HBD is zeer verheugd met deze nominatie omdat het een erkenning is dat zij als bedrijf zeer innovatief en vernieuwend werk doen.
Op 3 december wordt de uitslag bekend gemaakt en de prijs uitgereikt.
Maar deze nominatie is een extra prikkel om, zo mogelijk, nog gemotiveerder door te gaan het ontwikkelen van innovatieve ideeën. Zoals:
- Opzet kenniscentrum op het gebied van het verhogen van het gehalte van commercieel belangrijke inhoudstoffenin gewassen door middel van veredelen, telen en behandelen van de plant. Als pilot project onderzoek doen zij onderzoek naar de verhoging van het Galanthamine gehalte in narcissen (dit onderzoek is mede gefinancierd door Flowers & Food , LNV, Rabo bank Bollenstreek).
- Onderzoek naar nieuwe toepassingen van gewassen door het creëren van een bibliotheek van extracten van bolgewassen die gebruikt kan worden voor het snel testen op interessante biologische activiteit, bijvoorbeeld door de farmaceutische of cosmetische industrie (dit onderzoek is mede gefinancierd door Flowers & Food , LNV, en Rabo bank Bollenstreek).
- Op Europees niveau is een samenwerkingsproject met enkele bedrijven en instituten in Spanje en Duitsland onlangs als EUROSTARS project uitgekozen. Dit project richt zich op het ontwikkelen van natuurlijke gewasbeschermingsmiddelen o.a. gebruik makend van de boven genoemde extracten bibliotheek (dit onderzoek zal mede worden gefinancierd door Economische zaken).
24 juni 2008
Onderzoek naar telen van compacte planten zoekt deelnemers
Een aantal veredelingsbedrijven verricht fundamenteel onderzoek naar compact telen. Inmiddels hebben vijftien veredelings- en vermeerderingsbedrijven en telers zich aangesloten bij dit onderzoeksproject. Er worden nog meer deelnemers gezocht.
Het onderzoek heeft tot doel om de mechanismen van groeibeperkende temperatuur- en voedingsregimes voor het produceren van compacte planten te ontrafelen. De basiskennis waarom een plant onder bepaalde omstandigheden strekt of juist compact blijft is volgens de initiatiefnemers van het onderzoek nodig om de groeibeperkende methoden effectiever te kunnen toepassen. Het uiteindelijke doel is om het gebruik van groeiregulatoren nog verder te kunnen reduceren.
Het onderzoek wordt uitgevoerd door WUR Plantenfysiologie in Wageningen en wordt voor de helft gesubsidieerd door TTI-Groene Genetica. WUR draagt 15 procent bij en van het bedrijfsleven wordt een bijdrage van 35 procent gevraagd.
Bedrijven die in de methoden van groeibeheersing geïnteresseerd zijn kunnen zich nog tot 1 augustus 2008 bij Plantum aanmelden. De jaarlijkse bijdrage is €1.500,- en het project heeft een looptijd van vier jaar.
Meer informatie over het onderzoek en aanmelden kunt u vinden op deze pagina
30 mei 2008
Graszaadsector verheugd met terugkeer ethofumesaat
Het College voor de Toelating van Gewasbeschermingsmiddelen en Biociden heeft gisteren drie ethofumesaat-bevattende middelen opnieuw toegelaten voor de graszaadteelt. De graszaadsector is hier zeer verheugd over, omdat daarmee de productie van kwalitatief hoogwaardig graszaad mogelijk blijft.
Ethofumesaat wordt in de graszaadteelt meestal in het najaar ingezet, direct na zaai, ter bestrijding van duist en straatgras. Deze onkruiden beconcurreren het gewas en leiden tot onzuiverheid van het geoogste zaaizaad. Ondanks dat de graszaadsector via het Productschap Akkerbouw veel investeert in onderzoek naar middelen en methoden voor onkruidbestrijding, is nooit een goed alternatief gevonden voor ethofumesaat. De Nederlandse graszaadsector zet met het oog op de felle internationale concurrentie juist in op productie van kwalitatief hoogwaardig graszaad. De inzet van ethofumesaat is daarbij onmisbaar.
De toelating van ethofumesaat in graszaad was per 1 maart 2007 vervallen, er gold een aflever- en opgebruiktermijn tot 1 maart 2008. Vanwege het grote belang van de toelating heeft de graszaadsector in het kader van het project ‘Effectief middelenpakket’ al sinds enkele jaren contact met de toelatinghouders van ethofumesaat om de toelating voor de graszaadteelt te behouden. Ook is de dreiging voor het voortbestaan van de graszaadteelt in Nederland bij de overheid onder de aandacht gebracht.
Dit heeft ertoe geleid dat AgriChem B.V. en Bayer CropScience B.V. opnieuw toelatingsaanvragen voor graszaadteelt hebben ingediend. Door gezamenlijke inspanning van deze fabrikanten, overheid en graszaadbedrijfsleven heeft dit nu geresulteerd in een nieuwe toelating voor de zaadteelt van Engels en Italiaans raaigras van Agrichem Ethofumesaat Flowable, Agrichem Ethofumesaat (2) en Tramat 200.
Het project ‘Effectief middelenpakket’ is een gezamenlijk project van het Productschap Akkerbouw en Plantum NL. Doel van het project is het realiseren van een noodzakelijk gewasbeschermingsmiddelenpakket, zodat een rendabele teelt mogelijk blijft.
terug naar index
30 mei 2008
Plantum NL
realiseert uitbreiding van de toelating voor zaadbehandelingsmiddel Apron XL
Op aanvraag van Plantum NL heeft het Ctgb gisteren de toelating van het zaadbehandelingsmiddel Apron XL uitgebreid. Apron XL mag nu ook worden toegepast voor behandeling van zaaizaden van veldsla, radijs, rode bieten, kruiden en bloemisterijgewassen.
Apron XL (werkzame stof metalaxyl-M) is een middel dat beschermt tegen aantasting door kiem- en bodemschimmels en tegen valse meeldauw. Het had al een toelating als zaadbehandelingsmiddel voor erwten, bonen, spinazie, diverse kolen, wortelen en uien.
In samenwerking met de toelatinghouder Syngenta Crop Protection B.V. heeft Plantum NL een uitbreidingsaanvraag voor de kleine teelten veldsla, radijs, rode bieten, kruiden en bloemisterijgewassen voorbereid. Het Ctgb heeft deze toepassingen gisteren toegelaten.
De aanvraag is ingediend in het kader van het project ‘Effectief middelenpakket’. De aanvraag liep via de Stichting Trustee Bijzondere Toelatingen en is gefinancierd door het Fonds Kleine Toepassingen en Syngenta Crop Protection B.V.
Het project ‘Effectief middelenpakket’ wordt gefinancierd door Plantum NL en de Productschappen Akkerbouw en Tuinbouw. Doel van dit project is het realiseren van een noodzakelijk gewasbeschermingsmiddelenpakket, zodat een rendabele teelt mogelijk blijft. Eén van de mogelijkheden om knelpunten in de gewasbescherming aan te pakken, is het aanvragen van een toelating namens de sector, de zogenaamde derdenuitbreiding. Een derdenuitbreiding is alleen mogelijk voor kleine toepassingen. Bij deze uitbreidingen beoordeelt het Ctgb een stof niet op werkzaamheid en gewasveiligheid (fytotoxiciteit). Gebruik van het middel in deze teelten is dan ook op eigen risico van de teler.
terug naar index
28 mei 2008
Nieuw Bremia lactucae fysio Bl:26 geïdentificeerd en genomineerd
De International Bremia Evaluation Board heeft alle in 2007 en eerder gevonden Bremia fysio’s geëvalueerd. De meeste Bremia uitbraken in 2007 waren het gevolg van Bremia fysio’s met alleen een lokaal belang. Echter, IBEB was in staat om een nieuw fysio Bl:26 als meest belangrijk te identificeren en te benoemen. De Board benadrukt het belang van chemische bestrijding en hygiëne maatregelen naast het gebruik van resistente slarassen om de ontwikkeling van nieuwe fysio’s te voorkomen.
Bremia lactucae, of valse meeldauw schimmel in sla, is erg variabel. Zelfs in één sla-productie-veld kunnen verschillende instabiele fysio’s (isolaten) voorkomen. Op vrijdag 1 februari 2008 kwam de International Bremia Evaluation Board (IBEB) bijeen in Parijs om de in 2007 in Europa gevonden Bremia lactucae fysio’s te evalueren. Ongeveer één-vijfde (20%) van alle 668 geanalyseerde aantastingen in 2007, betrof eerder beschreven en officieel benoemde Bl: fysio’s, meestal Bl:22, Bl:24 en Bl:25 of nauw gerelateerde varianten. “Bl:” is de officiële code voor fysio’s van Bremia lactucae.
De meeste fysio’s die gevonden zijn, betreffen nieuwe fysio’s die in voorgaande jaren niet zijn waargenomen. De meeste van deze eerder onbekende fysio’s werden slechts enkele keren gevonden. Sommige van deze fysio’s waren in staat om de resistentie van enkele Bl:1-Bl:25 resistente slarassen te breken. Echter de meeste van deze nieuw gevonden fysio’s waren niet belangrijk genoeg om als nieuw Bl: fysio te worden benoemd. Eén van de nieuw gevonden fysio’s is wel belangrijk genoeg om als nieuw Bl:26 fysio te worden benoemd.
Meerdere nieuwe isolaten bestaan al. Ook kunnen zich nieuwe fysio’s ontwikkelen die kunnen overleven. Zij zullen in een nieuw evaluatieproces dit jaar worden beoordeeld op hun belangrijkheid. IBEB is er van overtuigd dat de toename van variatie en instabiliteit in fysio’s het resultaat is van een toegenomen variatie in door veredelaars gebruikte resistentiegenen. De potentiële ontwikkeling van nieuwe belangrijke fysio’s lijkt te worden geremd door deze variatie aan genetische resistentie.
Bl:26 werd 31 keer gevonden in
2007 in
België, Engeland, Frankrijk, Nederland en Ierland. Het breekt vele slarassen die resistent zijn tegen Bl:1 tot Bl:25. De identificerende sextetcode van het nieuwe fysio is 63-31-58-01, gescoord op de determinatieset van resistentiegenen.
Bl:26 is in staat om 16 van de 19 resistentie genen van de determinatieset te doorbreken.
De Board benadrukt het belang van chemische middelen en hygiëne maatregelen als toevoeging op de plant resistentie. Het gebruik van fungiciden, vooral tijdens de opkweekperiode, geeft aanvullende bescherming voor resistente slateelt en helpt bij het voorkomen van de ontwikkeling van nieuwe Bremia fysio’s/isolaten. Goede hygiëne, zoals het verwijderen van plantafval en zieke planten, en het reinigen van schoenen na veld bezoek, zal de verspreiding van Bremia naar andere slateelten verminderen.
IBEB bestaat uit vertegenwoordigers van de Nederlandse en Franse verenigingen van zaadbedrijven, Plantum NL en FNPSP; en de organisaties GEVES en Naktuinbouw. IBEB wordt gesteund door verschillende Bremia onderzoekers in Europa. De verenigingen werden vertegenwoordigd door slaveredelaars van Clause-Tezier, Enza Zaden, Gautier, Nunhems, Rijk Zwaan, Seminis, Syngenta and Vilmorin.
Voor onderzoeks- en veredelingsdoeleinden zijn alle benoemde fysio’s beschikbaar bij GEVES/SNES (Frankrijk) en bij de Naktuinbouw (Nederland).
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met mevrouw V. Grimault, SNES-GEVES France, telefoon +33 (0)2 41 22 58 00 of per e-mail: Valerie.Grimault@geves.fr
U kunt ook contact opnemen met de Naktuinbouw afdeling Rassen en Proeven; de heer D. Smilde, de heer R. Ludlage of mevrouw A van Dijk, telefoon +31 (0)71 33 26 213 of per e-mail: Resistentie@naktuinbouw.nl
Voor meer informatie over de Naktuinbouw kunt u ook de site www.naktuinbouw.nl bekijken.
terug naar index
Plantum NL present op BioCareerEvent
Woensdag 21 mei jl. was Plantum NL, samen met TT Groene Genetica en Wageningen Universiteit present op het BioCareerEvent in de RAI Amsterdam. Deze carrièrebeurs voor hoger opgeleiden werd goed bezocht en trok circa 2500 bezoekers. Uit onze sector waren ook de bedrijven Enza Zaden, Rijk Zwaan, Syngenta, De Ruiter Seeds en Keygene vertegenwoordigd op de beurs. De belangstelling voor deze ‘groene hoek’ was goed en dit leverde veel interessante gesprekken met werkzoekenden op. Voor Plantum NL lag de nadruk op het informeren en interesseren van de bezoekers voor de sector. Daarbij verwezen we voortdurend naar de stands van de bedrijven en de presentaties die gegeven werden. De bedrijven presenteerden uiteraard hun eigen bedrijf en hun actuele vacatures. Zij hebben veel potentiële kandidaten gesproken. Vanuit de sector uitgangsmateriaal zijn er drie presentaties gegeven. Marjan Vlam, Communication Manager van Syngenta Seeds in Nederland, vertelde op ons verzoek over de carrièremogelijkheden in de sector uitgangsmateriaal. Na afloop kregen we vele enthousiaste reacties.



terug naar index
23 mei 2008
Nieuwe brochures Plantum NL
Recent rolde de nieuwe company-brochure van Plantum NL van de pers. De Nederlandstalige versie, getiteld ‘Plantum NL, Kracht van de groene basis’, geeft in woord en beeld weer waar Plantum NL en de sector uitgangsmateriaal voor staan. In de Engelstalige versie ligt de nadruk op het wereldbelang van de Nederlandse sector en het kwalitatief hoogwaardige Nederlandse plantaardig uitgangsmateriaal. Ook benadrukt deze versie de contactmogelijkheden via de B2B website. Deze Engelstalige versie is onlangs als promotie meegestuurd met het nieuwe nummer van de Asian Seed and Planting Material (ASPM) naar ruim 2500 APSA leden in Azië en de Pacific en met ASPM gedistribueerd op het ISF in Praag. Dit als één van de voorbereidende acties met het oog op de inkomende missie van APSA leden naar Nederland (12-15 oktober a.s.).
De brochure is ook electronisch beschikbaar
Klik hier voor de Nederlandse versie (2,9Mb)
Klik hier voor de Engelse versie (2,9 Mb)
terug naar index
Wie wint de innovatieprijs duurzame gewasbescherming?
Vanaf 22 mei is de Innovatieprijs Duurzame Gewasbescherming geopend. De convenantpartners (LNV, VROM, LTO, VEWIN, Nefyto, UvW, Agrodis en Plantum) willen met deze prijs geïntegreerde gewasbescherming bevorderen. Iedereen met een innovatief idee of methode kan meedoen: van tuinder en agrariër tot onderzoeker, milieubeschermer en verkoper. De prijs bestaat uit promotie van de innovatie en een geldbedrag.
Tot 8 september 12.00 uur kan iedereen inschrijven voor deze prijs of iemand anders nomineren. In november wordt de prijs uitgereikt, waarbij een film van drie genomineerden wordt getoond. Alle innovaties maken kans: van een slimme manier om snel te schoffelen tot een high-tech bedrijfssysteem.
De inzendingen worden door een deskundige jury onder leiding van Hans Alders beoordeeld op de volgende onderdelen:
- een goed milieuresultaat op korte en lange termijn
- bijdrage aan geïntegreerde gewasbescherming
- potentiële praktische toepasbaarheid
- mate van vernieuwing
- een gunstige kosten/baten verhouding
Heeft u goede ideeën hiervoor? Ga naar www.clm.nl voor meer informatie, schrijf u in en maak kans op €2.000!
terug naar index
15 mei 2008
Anthurium en Guzmania zijn nu ook in China te beschermen met kwekersrecht
Op 21 april 2008 heeft China haar lijst met gewassen die met kwekersrecht te beschermen zijn uitgebreid. Voor de Nederlandse veredelingsbedrijven zijn vooral de toevoegingen van Anthurium en Guzmania (een belangrijk Bromeliageslacht) van grote waarde. Naast een aantal lokale gewassen zijn aan de lijst ook knoflook en paksoi toegevoegd. Kwekers kunnen tot uiterlijk 20 april 2009 rassen die nu reeds in China in omloop zijn aanmelden voor kwekersrecht. Voorwaarde hiervoor is dat de periode waarin reeds uitgangsmateriaal van deze rassen in China wordt verkocht op het moment van het indienen van de aanvraag uiterlijk vier jaar bedraagt.
Plantum NL is al jaren bezig met de lobby om het Chinese kwekersrecht naar meer gewassen uit te breiden. De huidige toevoeging van Anthurium en Guzmania is een zeer positieve stap vooruit, maar voor andere gewassen is bescherming helaas nog steeds niet mogelijk. Plantum NL blijft daarom verder lobbyen voor andere gewassen zoals Begonia, Zantedeschia en Alstroemeria.
In Nederland is kwekersrechtbescherming mogelijk voor alle gewassen. In China is dit slechts het geval voor een beperkte lijst met gewassen. Als reden wordt vaak genoemd dat de Chinese kwekersrechtautoriteiten niet de technische expertise hebben om voor alle gewassen een kwekersrechtonderzoek uit te voeren. De veredelingsbedrijven van Anthurium en Bromelia die zijn verenigd binnen
Plantum NL
hebben in 2006 een trainingsproject geïnitieerd. Doel van het project was om enkele Chinese onderzoekers op te leiden voor het kwekersrechtonderzoek in Anthurium en Bromelia.
Plantum NL
meent dat dit project en het enthousiasme aan de zijde van de Chinese onderzoekers eraan hebben bijgedragen dat het kwekersrecht voor Anthurium en Guzmania nu is opengesteld.
terug naar index
6 mei 2008
Bestrijding aardbeimijt in aardbeimoederplanten blijft mogelijk
Plantum NL
heeft in samenwerking met LTO Groeiservice een volwaardig alternatief ontwikkeld voor de bestrijding van aardbeimijt met methylbromide. Het gaat om de toepassing van de Controlled Atmosfeer (CA) methode in combinatie met een temperatuurbehandeling.
Sinds 1 januari 2008 is in Nederland de bestrijding van aardbeimijt met methylbromide niet meer toegestaan. Met het verbod op methylbromide in het vooruitzicht zijn de aardbeivermeerderaars al in 2004 op zoek gegaan naar alternatieve bestrijdingsmethoden. Brancheorganisatie
Plantum NL
nam het voortouw in dit onderzoek. Uitgangspunt hierbij was dat de alternatieve bestrijdingsmethode even goed moest werken als de methylbromide-behandeling. Een combinatie van CA behandeling met temperatuurbehandeling, ook wel bekend als CATTS-systeem, kwam uiteindelijk als meest effectieve methodiek naar voren. Voor ieder gewas, mijt en toepassing is een aparte combinatie van temperatuur, CO2- en O2-gehalte vereist. In het onderzoek zijn hiervoor de optimale waarden vastgesteld.
De aardbeivermeerderaars die verenigd zijn in
Plantum NL
, zijn blij dat door de constructieve samenwerking met de partijen PPO Lelystad WUR, A&F, Naktuinbouw, Ruvoma en LTO, dit uitstekende resultaat is behaald. Uit veelvuldig onderzoek met meerdere herkomsten en rassen blijkt dat met deze nieuwe methodiek een afdoding van de aardbeimijt van nagenoeg 100% gerealiseerd kan worden waarbij minimale plantschade optreedt.
Het bedrijf Ruvoma in Montfoort die eerst de methylbromide behandeling uitvoerde, is vanaf het begin nauw betrokken bij de zoektocht naar alternatieven. Daardoor kunnen de planten dit voorjaar al behandeld worden met de nieuwe CA techniek.
Het onderzoek naar alternatieven voor methylbromide werd gefinancierd door eigen bijdragen van de aardbeivermeerderaars, Productschap Tuinbouw, Naktuinbouw, de regionale organisaties zoals St. Proef en Selektie en de Ministeries van LNV en VROM.
terug naar index
24 april 2008
Onafhankelijk laboratorium bevestigt het bestaan van een nieuw biotype van Nasonovia ribisnigri
Een consortium van internationale zaadbedrijven heeft Naktuinbouw gevraagd om te onderzoeken of recente waarnemingen van groene slaluis op resistente rassen worden veroorzaakt door een nieuw biotype van de slaluis. Dit onderzoek heeft bevestigd dat een nieuw, resistentie-doorbrekend biotype aanwezig is in enkele onderscheiden gebieden in West-Europa.
Nasonovia ribisnigri bladluizen werden in de loop van 2007 waargenomen op resistente sla in verschillende gebieden in Frankrijk (vier gebieden), Duitsland (twee gebieden), Oostenrijk (één gebeurtenis) en België (één gebeurtenis). De betreffende slarassen behoren tot verschillende zaadbedrijven. Een groep van zaadbedrijven, verenigd in Plantum NL en haar Franse zustervereniging FNPSP, heeft opdracht gegeven aan het onafhankelijke laboratorium van Naktuinbouw om de oorzaak van de problemen te onderzoeken. Naktuinbouw heeft drie van voornoemde Nasonovia populaties onderzocht (twee uit Frankrijk en één uit Duitsland). De eindresultaten van dit onderzoek werden in april 2008 bekend en bevestigen dat deze Nasonovia populaties in staat zijn om te vermeerderen op resistente slarassen. Daarom kan geconcludeerd worden dat een nieuw biotype voorkomt. Dit nieuwe biotype wordt ‘Nr:1’ genoemd, om het te onderscheiden van het belangrijkste biotype, Nr:0. Nasonovia resistente slarassen zijn nog steeds resistent tegen het Nr:0 biotype, tot dusver het meest voorkomende biotype in de praktijk.
De zaadbedrijven benadrukken dat in een gezonde benadering van geïntegreerde gewasbescherming het gebruik van resistente rassen wordt gecombineerd met hygiënemaatregelen en een bepaald niveau van chemische bestrijding.
Het combineren van verschillende soorten maatregelen minimaliseert het risico op de ontwikkeling van nieuwe biotypes die de resistentie zouden kunnen doorbreken. Om te voorkómen dat de hiervoorgenoemde populaties zich snel kunnen verspreiden wordt aanbevolen om passende maatregelen te nemen die het risico van verspreiding minimaliseren.
terug naar index
2 april 2008
Juiste melding van gebruik eigen zaaizaad is van groot belang
Ook dit jaar dienen telers weer melding te maken van het gebruik van eigen vermeerderd zaaizaad van granen en pootgoed van aardappelen. De afgelopen jaren is er steeds een hoge respons geweest op de brieven die Plantum NL hiertoe stuurt aan telers. Veel meldingen bevatten echter fouten. Zo melden veel reguliere pootgoedtelers ten onrechte dat ze eigen vermeerderd pootgoed gebruiken. Reguliere pootgoedteelt is geen “eigen vermeerdering” en dient dus niet gemeld te worden. Andersom zijn er ook telers die verzuimen om gebruik van eigen vermeerderd zaaizaad of pootgoed te melden. Aangezien het hier een wettelijke plicht betreft zijn deze telers in overtreding. Nu de meldplicht inmiddels breed bekend is zal Plantum NL in de komende jaren nadrukkelijker aandacht gaan besteden aan de handhaving. In 2007 is reeds in één geval door de AID proces verbaal opgemaakt als gevolg van een aanwijzing van Plantum NL.
Net als in voorgaande jaren geldt ook in 2008 de meldplicht voor eigen vermeerderd zaaizaad van granen en pootgoed van aardappelen. Telers dienen het gebruik hiervan voor 15 mei te melden.
Plantum NL
, de brancheorganisatie van bedrijven in de sector plantaardig uitgangsmateriaal, stuurt hiertoe binnenkort een brief en opgaveformulier aan 14.000 telers van granen en aardappelen. De melding kan vanaf half april ook gedaan worden via de website www.eigenzaaizaad.nl. Ook telers die geen brief van
Plantum NL
ontvangen vallen onder de meldingsplicht en kunnen gebruik maken van deze website.
Onder eigen vermeerderd zaai-/pootgoed wordt verstaan materiaal dat is achtergehouden uit eigen oogst, en dat wordt gebruikt als uitgangsmateriaal voor eigen gebruik op het eigen bedrijf. Het zaai-/pootgoed mag dus niet het bedrijf verlaten, en ook mag er geen zaai-/pootgoed van worden geproduceerd dat het bedrijf verlaat. Reguliere pootgoedteelt en licentieteelt van granen vallen beide niet onder deze definitie: in deze gevallen wordt met toestemming van de kwekersrechthouder teeltmateriaal voor de handel geproduceerd. Dit dient dus niet gemeld te worden.
De afgelopen twee jaar hebben steeds ruim 11.000 telers gereageerd op de brief van Plantum NL. Telers die geen eigen zaaizaad of pootgoed gebruiken hoeven geen melding te doen. Wel worden zij aangemoedigd om te reageren, ook om te voorkómen dat onnodig herinneringen worden verstuurd. De meldingen worden door Plantum NL op diverse wijzen gecontroleerd. Bij vermoedens van fraude kan Plantum NL de AID inschakelen. In 2007 heeft dit in één geval geleid tot een proces verbaal. Aangezien de meldplicht nu breed bekend is wil Plantum NL in de komende jaren meer aandacht schenken aan de handhaving.
terug naar index
03 maart 2008
Plantum NL realiseert toelating Gazelle voor veredeling en zaadteelt
Plantum NL heeft de eerste toelating via derdenaanvraag voor veredeling en zaadteelt gerealiseerd. Het gaat om het insecticide Gazelle SG, dat nu ook in bedekte veredelings- en zaadteelten van akkerbouw-, groente- en bloemisterijgewassen ingezet mag worden.
Gazelle SG (werkzame stof acetamiprid) is een middel dat werkt tegen bladluizen en kas- en tabakswittevlieg. Het had al een toelating in appels en peren, niet-grondgebonden teelt van bloemisterijgewassen, boomkwekerijgewassen en vaste planten. Het middel mocht dus niet toegepast worden in bijvoorbeeld de veredeling van een groentegewas. In samenwerking met de NFO (Nederlandse Fruittelers Organisatie) en de toelatinghouder Certis Europe BV heeft Plantum NL een uitbreidingsaanvraag voor de kleine teelten ‘kers’ en ‘bedekte veredeling en zaadteelt’ voorbereid. Het Ctgb heeft deze toepassingen nu toegelaten.
Plantum NL is verheugd met deze eerste derdenuitbreiding voor veredeling en zaadteelt. ‘Het toont aan dat het Ctgb bedekte veredeling en zaadteelt als kleine toepassingen ziet waardoor een vereenvoudigde uitbreiding van de toelating tegen relatief beperkte kosten mogelijk is. De overheid had al erkend dat de gewasbescherming in deze teelten een knelpunt is vanwege het ontbreken van toelatingen. Voor het teeltseizoen 2008 is daarom vrijstelling voor gebruik van enkele middelen verleend. Maar deze derdentoelating van Gazelle SG biedt een structurele oplossing. Hopelijk kunnen er nu snel meer aanvragen en toelatingen volgen’, aldus
Gea Bouwman
, beleidsmedewerker gewasbescherming bij Plantum NL.
De aanvraag is ingediend in het kader van het project ‘effectief middelenpakket’, met medewerking van Certis Europe BV. De aanvraag liep via de Stichting Trustee Bijzondere Toelatingen en is gefinancierd door het Fonds Kleine Toepassingen en Plantum-leden.
Het project ‘effectief middelenpakket’ is een gezamenlijk project van Plantum NL en de Productschappen Akkerbouw en Tuinbouw. Doel van dit project is het realiseren van een noodzakelijk gewasbeschermingsmiddelenpakket, zodat een rendabele teelt mogelijk blijft. Eén van de mogelijkheden om knelpunten in de gewasbescherming aan te pakken, is het aanvragen van een toelating namens de sector, de zogenaamde derdenuitbreiding. Een derdenuitbreiding is alleen mogelijk voor kleine toepassingen. Bij deze uitbreidingen beoordeelt het Ctgb een stof niet op werkzaamheid en gewasveiligheid (fytotoxiciteit). Gebruik van het middel in deze teelten is dan ook op eigen risico van de teler.
15 februari 2008
Export naar Taiwan van plantmateriaal Anthurium en Bromelia na 20 jaar weer mogelijk
Na intensieve onderhandelingen tussen Nederland en Taiwan is het weer mogelijk om geworteld plantmateriaal van Anthurium en Bromelia naar Taiwan te exporteren. Al twee decennia lang was de Taiwanese grens gesloten voor dit plantmateriaal, omdat Taiwan vreest voor besmetting met het wortelnecroseaaltje. De export wordt nu mogelijk door een overeenkomst tussen de Plantenziektenkundige Dienst en Taiwan waarin specifieke voorwaarden zijn afgesproken waaraan vermeerderaars en exporteurs moeten voldoen.
Jaren geleden sloot Taiwan de grens voor plantmateriaal van Anthurium en Bromelia met groeimedium, omdat men bang was voor
de introductie van het
wortelnecroseaaltje (Radopholus similis) in Taiwan. Dit gold voor Nederland, maar ook voor andere landen waarvan wordt aangenomen dat dit aaltje voorkomt. Jarenlang was een verruiming van de importeisen onbespreekbaar. Na een Nederlandse sierteeltmissie naar Taiwan onder leiding van het ministerie van LNV in 2005, kwam er een opening voor overleg. Op verzoek van Plantum NL is vervolgens de Plantenziektenkundige Dienst in overleg getreden met de Taiwanese overheid. Na twee jaar onderhandelen zijn beide landen nu de voorwaarden overeengekomen waaronder export mogelijk wordt.
Vermeerderaars van anthuriums en bromelia’s moeten daarvoor aan een aantal strikte voorwaarden voldoen. Zo moet het plantmateriaal en het groeimedium regelmatig getoetst worden op
de aanwezigheid van het
aaltje. Voor Anthurium is dit al een voorschrift vanuit de EU. Voor Bromelia, waarvan Nederland overigens bestrijdt dat het een waardplant is voor Radopholus similis, betekent dit een extra controle. Verder moet de bodem in de kas zijn afgedekt en worden er eisen gesteld aan de verpakking en het vervoer van het plantmateriaal. Bedrijven die willen exporteren moeten zich eerst laten goedkeuren en registreren bij de Naktuinbouw.
Ondanks de vergaande voorwaarden is Plantum NL blij met dit resultaat! De inzet
van de LNV-raad
in Taiwan, de Plantenziektenkundige Dienst en het ministerie in Den Haag is hierbij buitengewoon groot geweest.
01 februari 2008
Nieuwste ontwikkelingen rozenassortiment op de assortimentsdag
Acht vooraanstaande veredelingsbedrijven geven u de gelegenheid om de nieuwste ontwikkelingen in het rozenassortiment te komen bekijken en vergelijken op 9 en 10 april.
Nederlandse rozen zijn over de hele wereld beroemd. Consumenten waarderen het uiterlijk, de telers waarderen de constante verbeteringen in teelteigenschappen. Samen vormen ze de basis voor een zo hoog mogelijke opbrengst van de rozen.
Ook dit jaar staan nieuwe en verbeterde rassen ter beschikking van de teler. Om de gelegenheid te geven het nieuwste aanbod goed te vergelijken openen tijdens de assortimentsdag acht veredelingsbedrijven gelijktijdig hun deuren. Van 10.00 tot 18.00 uur geven medewerkers van de bedrijven u als klant, handelaar, veilingmedewerker, onderzoeker, voorlichter of belangstellende graag aanvullende informatie en antwoorden op uw vragen over het nieuwe assortiment. Wij hopen u te mogen begroeten bij de deelnemende bedrijven:
Bartels Roses
Assortimentskas aan de Rietwijkeroordweg 15, Aalsmeer. (www.bartelsroses.nl)
Terra Nigra
Showroom aan de Mijnsherenweg 23, Kudelstaart. (www.terranigra.com)
De Ruiter Innovations
Assortimentskas Hoofdweg 131, De Kwakel (www.deruiter.com)
Preesman
Bezoekadres aan de Aalsmeerderweg 687, Rijsenhout (www.preesman.com)
Kordes Roses International
Bezoekadres Noordammerweg 41 43, De Kwakel. (www.kordesroses.nl)
Meilland Selectie Nederland
Bezoekadres Weteringweg 3a, Leimuiderbrug.(www.meilland.nl of www.moerheim.com)
Olij Breeding
Showbedrijf aan de Hoofdweg 119, De Kwakel. (www.olijrozen.nl)
Piet Schreurs de Kwakel
Bezoekadres Hoofdweg 81, De Kwakel. (www.schreurs.nl)
23 januari 2008
Zaadbedrijven zeer verontrust over Clavibacter
De groentezaadbedrijven zijn bezorgd over het optreden van Clavibacter michiganensis subsp. michiganensis in tomaat. Het gevaar van deze ziekte is al langer bekend en de individuele zaadbedrijven houden bij de productie van zaad al jaren een hoge standaard van hygiëne aan. Sinds het optreden van de ziekte vorig jaar besteden de bedrijven hier nog meer aandacht aan. De recente gevallen van Clavibacter onderstrepen des te meer de noodzaak van een uiterst zorgvuldige bedrijfshygiëne in de gehele productiekolom van het uitgangsmateriaal.
Het zaadbedrijfsleven wil en zal haar bijdrage leveren aan een nog hoger niveau van preventieve maatregelen, die tot doel hebben de besmetting met Clavibacter in de keten te voorkomen. Concreet betekent dit dat de zaadbedrijven, in samenspraak met de Naktuinbouw, een uniform beheersprotocol voor de productie van zaad opstellen dat is gericht op preventieve hygiëne. Begin februari zal dit beheersprotocol in internationaal verband worden besproken waarna de bedrijven kunnen overgaan tot invoering van het protocol. Voor de controle op de correcte toepassing van het beheersprotocol zal een externe toezichthouder worden ingeschakeld.
De groentezaadbedrijven willen zo bijdragen aan het zoveel mogelijk voorkomen en terugdringen van de ziekte. Wel wijzen ze erop dat de ziekte op veel plaatsen op de wereld en ook in Europa voorkomt en zich op tal van manieren kan verspreiden. Alle partijen in de keten hebben dus een grote verantwoordelijkheid bij de preventie van de bacterieziekte.
terug naar index
18 januari 2008
83e Aanbevelende Rassenlijst in nieuw jasje
De editie 2008 van de Aanbevelende Rassenlijst voor landbouwgewassen is zojuist verschenen. Deze officiële rassenlijst is voor vele akkerbouwers en veehouders een belangrijke leidraad bij de rassenkeuze. Dit keer verschijnen er overigens voor het eerst afzonderlijke uitgaven van voeder- en akkerbouwgewassen.
De Rassenlijst Veehouderij behandelt de gewassen snijmaïs, korrelmaïs en corn cob mix, weidegrassen en klavers en overige voedergewassen. In de Rassenlijst Akkerbouw daarentegen komen granen, peulvruchten, handelsgewassen, korrelmaïs en corn cob mix, groenbemestingsgewassen, suikerbieten en cichorei aan de orde. Naast de resultaten van de officiële rassenbeproevingen bevatten de boekjes veel praktische en statistische (teelt)informatie.
Beide boekjes zijn onder auspiciën van Plantum NL en het Productschap Akkerbouw (PA) samengesteld en tegen EUR 6,95 per uitgave (of EUR 12 voor beide tegelijk) verkrijgbaar via Agriboek, de digitale boekhandel van Reed Business Information:
website: www.agriboek.nl
e-mail: agriboek@reedbusiness.nl
tel. (0314) 34 98 71
terug naar index
|